VVE programma's ontdekken
Hallo Allemaal, 27-2-2018
Wij hebben een nieuwe opdracht gekregen op school over VVE programma's, dit is opdracht 4.
Ik heb op stage nagevraagd met welk VVE programma ze werken, echter hebben ze op mijn stage geen VVE programma op de BSO. Wel hebben op de BSO een programma dat Kijk heet dit is een observatie methode. Na aanleiding van de Kijk lijsten kijkt de pedagogisch werker samen met de ouders of een gesprek samen nodig is.
de opdracht is dat we een ander programma gaan onderzoeken van de VVE programma's.
Ik ga het programma Uk en Puk onderzoeken.
Uk & Puk is gericht op kinderen in de leeftijd van 0-4 jaar. Daarom is het geschikt voor het werken op kinderdagverblijven. Spelen staat centraal in Uk & Puk. De pop Puk is het speelkameraadje van de kinderen. Bij Uk & Puk zijn tien thema’s ontwikkeld die aansluiten bij de belevingswereld van baby’s, dreumesen en peuters. Bij elk thema zijn activiteiten uitgewerkt voor drie leeftijdsgroepen. Deze activiteiten kunnen makkelijk ingepast worden in de dagelijkse gang van zaken. In de activiteiten is er aandacht voor de vier ontwikkelingsdomeinen: taalontwikkeling, sociaal-emotionele ontwikkeling, motorische en zintuiglijke ontwikkeling en rekenprikkels. Er worden tips gegeven voor de inrichting van de speelleeromgeving en het inzetten van materiaal.
Natuurlijk draait het bij Uk & Puk niet om lesjes geven en lesjes leren. Uk & Puk leert baby'tjes, dreumesen en peuters nieuwe vaardigheden. Door actief bezig te zijn en lekker te spelen!
hier een filmpje van Uk en Puk:
https://www.youtube.com/watch?v=m3Knp8InApA

Wat is VVE?
Het doel van VVE is kinderen een betere start in het onderwijs te geven om op die manier de schoolprestaties en het schoolsucces te verbeteren. Door middel van leerzame activiteiten worden peuters op een speelse wijze voorbereid op de basisschool. Dat gebeurt in een groep waarbij extra aandacht wordt besteed aan taalstimulering met liedjes, boekjes en andere activiteiten aan de hand van een thema. Veel thema’s worden in groep 1 en 2 ook op de basisschool behandeld. Uw kind komt dan ook goed voorbereid in groep 1!
Dit zijn de verschillende programma's:
Kaleidoscoop:
sporen:
Het open curriculum gaat samen met een gestructureerde praktijk in de klas. De kinderen werken per dagdeel tenminste anderhalf uur taakgericht in kleine groepen aan onderwerpen die hen bezighouden. Het programma wordt gekenmerkt door een contextgebonden uitwerking met diversiteit als uitgangspunt. Sporen is sterk gericht op het leggen van verbindingen (o.a. tussen de activiteiten van dag tot dag, tussen school en thuis, tussen kinderen onderling, tussen ontwikkelingsgebieden etc.) en werkt met doorlopende onderzoeksactiviteiten over een langere periode. Daarnaast wordt er ook aandacht besteed aan communicatie met de hele groep: voorlezen, dansen, zingen en verhalen vertellen staan dagelijks op het programma. De methode kent een structuur van intensieve en frequente oudercontacten en -activiteiten.
Piramide:
Geplaatst door IH op 12 augustus 2014
KO-totaal:
startblokken:
Geplaatst door OCO op 8 september 2014
doe meer met Bas:
ben ik in beeld:
peuterplein en kleuterplein:
Uk en Puk:
Uk en puk heb ik ook uitgewerkt in de andere blog.
Om voldoende effect van de interventie te bewerkstelligen is het essentieel dat pedagogisch medewerkers die met Uk & Puk gaan werken de tweejarige training met daaraan gekoppeld consultaties op de werkvloer en individuele coachingsgesprekken volgen. Naast deze training voor de werkvloer is er ook een train-de-trainer waarin mensen worden opgeleid om landelijk KO-Totaal trainingen te mogen geven, waar Uk & Puk een onderdeel van is. Daarnaast is er een train-de-trainer voor pedagogen in een staffunctie van kindercentra, waarin zij kennis en trainersvaardigheden voor het implementeren van Uk & Puk in kindercentra opdoen en zich certificeren om binnen hun eigen organisatie de training aan pedagogisch medewerkers te mogen geven.
Wij hebben een nieuwe opdracht gekregen op school over VVE programma's, dit is opdracht 4.
Ik heb op stage nagevraagd met welk VVE programma ze werken, echter hebben ze op mijn stage geen VVE programma op de BSO. Wel hebben op de BSO een programma dat Kijk heet dit is een observatie methode. Na aanleiding van de Kijk lijsten kijkt de pedagogisch werker samen met de ouders of een gesprek samen nodig is.
de opdracht is dat we een ander programma gaan onderzoeken van de VVE programma's.
Ik ga het programma Uk en Puk onderzoeken.
Uk & Puk is gericht op kinderen in de leeftijd van 0-4 jaar. Daarom is het geschikt voor het werken op kinderdagverblijven. Spelen staat centraal in Uk & Puk. De pop Puk is het speelkameraadje van de kinderen. Bij Uk & Puk zijn tien thema’s ontwikkeld die aansluiten bij de belevingswereld van baby’s, dreumesen en peuters. Bij elk thema zijn activiteiten uitgewerkt voor drie leeftijdsgroepen. Deze activiteiten kunnen makkelijk ingepast worden in de dagelijkse gang van zaken. In de activiteiten is er aandacht voor de vier ontwikkelingsdomeinen: taalontwikkeling, sociaal-emotionele ontwikkeling, motorische en zintuiglijke ontwikkeling en rekenprikkels. Er worden tips gegeven voor de inrichting van de speelleeromgeving en het inzetten van materiaal.
Natuurlijk draait het bij Uk & Puk niet om lesjes geven en lesjes leren. Uk & Puk leert baby'tjes, dreumesen en peuters nieuwe vaardigheden. Door actief bezig te zijn en lekker te spelen!
hier een filmpje van Uk en Puk:
https://www.youtube.com/watch?v=m3Knp8InApA
Wat is VVE?
Het doel van VVE is kinderen een betere start in het onderwijs te geven om op die manier de schoolprestaties en het schoolsucces te verbeteren. Door middel van leerzame activiteiten worden peuters op een speelse wijze voorbereid op de basisschool. Dat gebeurt in een groep waarbij extra aandacht wordt besteed aan taalstimulering met liedjes, boekjes en andere activiteiten aan de hand van een thema. Veel thema’s worden in groep 1 en 2 ook op de basisschool behandeld. Uw kind komt dan ook goed voorbereid in groep 1!
Dit zijn de verschillende programma's:
Kaleidoscoop:
Kaleidoscoop is een programma voor voorschoolse en vroegschoolse educatie (VVE) voor peuters en kleuters met een taalachterstand. Kaleidoscoop is een van de methodes waarmee in Amsterdam wordt gewerkt. Kaleidoscoop is een VVE-programma voor kinderen van 2,5 tot 6 jaar, afgeleid van het Amerikaanse High/Scope-programma. Het wordt uitgevoerd in een doorgaande lijn van de peuterspeelzaal naar groep 1 en 2 van de basisschool. Doel van Kaleidoscoop is het vergroten van de onderwijskansen van kinderen in achterstandssituaties.
Kaleidoscoop actief leren
Actief leren is de kern van het VVE-programma Kaleidoscoop. Kinderen verkennen, verbreden en verdiepen hun kennis en ervaringen in interactie met de leidsters, leiders en leerkrachten. Het programma gaat uit van de mogelijkheden, de motivatie en het eigen initiatief van kinderen en bevordert hun zelfstandigheid. Belangrijke elementen binnen de methode zijn een rijke en geordende leeromgeving, een vast dagschema, interactie tussen de beroepskracht en de kinderen, observatie van de kinderen en betrokkenheid van ouders. Naast trainingen voor peuterspeelzalen en groep 1 en 2 van de basisschool, zijn er ook trainingen voor groep 3 en verder van de basisschool, voor de buitenschoolse opvang en voor kinderdagverblijven.Materiaal Kaleidoscoop
Er zijn diverse materialen beschikbaar voor leidsters, leiders, leerkrachten en ouders, zoals de handboeken ‘Actief leren’, ‘Actief leren met baby’s, dreumesen en peuters’ en ‘Actief spelen en leren in de vrije tijd’. Er zijn ideeënboeken en werkboeken en meerdere dvd’s, die beroepskrachten ondersteunen bij het werken met het programma. Ook zijn er folders beschikbaar voor de diverse doelgroepen. Voor ouders is er een handleiding voor ouderbijeenkomsten, en een werkboek rondom taalontwikkeling. Daarnaast is er een (web-based) observatie instrument (Kind Observatie Registratie) met verschillende handleidingen om de ontwikkeling van de kinderen te volgen, en een instrument om de kwaliteit van de uitvoering van Kaleidoscoop te bewaken (het Programma Implementatie Profiel).sporen:
Sporen is een programma voor voorschoolse en vroegschoolse educatie (VVE) voor peuters en kleuters met een taalachterstand. Sporen is één van de VVE-programma’s waarmee in Amsterdam wordt gewerkt. De naam Sporen verwijst naar het basisprincipe van het programma: het zichtbaar maken van het leren van de kinderen met zelfgemaakte ‘pedagogische documentaties’. Deze documentaties of sporen vormen de basis voor verbredend en verdiepend leren. Daarnaast staat Sporen voor een afkorting van Stichting Pedagogiek Ontwikkeling Reggio Emilia Nederland.
Reggio Emilia
De VVE-methode Sporen is geïnspireerd door de pedagogische filosofie en werkwijze van ruim 40 gemeentelijk gesubsidieerde kindercentra in Reggio Emilia in Italië. Als concreet uitgewerkte pedagogiek is Sporen toegesneden op de Nederlandse situatie. De methode sluit aan bij wat kinderen in de groep beweegt en sluit aan bij hun ontwikkelingsbehoefte. De leerkrachten ontwikkelen het curriculum zelf. Sporen biedt hiervoor als handvaten een samenhangend documentatiesysteem (inclusief een kindvolgsysteem), een op de praktijk toegesneden pedagogische systematiek, een intensieve overlegstructuur, structurele begeleiding en ondersteuning van leerkrachten door een beeldend kunstenaar en een pedagoog.Het open curriculum gaat samen met een gestructureerde praktijk in de klas. De kinderen werken per dagdeel tenminste anderhalf uur taakgericht in kleine groepen aan onderwerpen die hen bezighouden. Het programma wordt gekenmerkt door een contextgebonden uitwerking met diversiteit als uitgangspunt. Sporen is sterk gericht op het leggen van verbindingen (o.a. tussen de activiteiten van dag tot dag, tussen school en thuis, tussen kinderen onderling, tussen ontwikkelingsgebieden etc.) en werkt met doorlopende onderzoeksactiviteiten over een langere periode. Daarnaast wordt er ook aandacht besteed aan communicatie met de hele groep: voorlezen, dansen, zingen en verhalen vertellen staan dagelijks op het programma. De methode kent een structuur van intensieve en frequente oudercontacten en -activiteiten.
Materiaal Sporen VVE-programma
Naast een algemene programmabeschrijving wordt voor elke locatie die met Sporen werkt een passende pedagogische systematiek-bundel samengesteld; daarin worden afspraken, organisatie, hulpmiddelen, criteria, randvoorwaarden en dergelijke vastgelegd.Piramide:
Geplaatst door IH op 12 augustus 2014
Het Piramide VVE-programma is door Cito ontwikkeld voor peuters en kleuters met een taalachterstand. Piramide is één van de VVE-programma’s waarmee in Amsterdam wordt gewerkt. Lees hier meer over VVE: voorschoolse en vroegschoolse Piramide stimuleert kinderen in hun ontwikkeling door een combinatie van spelen, werken en leren. Kinderen die extra steun nodig hebben, krijgen speciale aandacht in de vorm van tutoring, taalstimulering en spel. Ouders worden betrokken bij het programma door onder andere thuis met hun kind activiteiten te doen die aansluiten bij wat het kind in de speelzaal of op school heeft gedaan.
Breed programma van 0 tot 7 jaar
Piramide is oorspronkelijk ontwikkeld voor kinderen van 2,5 tot 6 jaar, die de peuterspeelzaal en groep 1 en 2 van de basisschool bezoeken. Er is speciale aandacht voor kinderen die extra steun nodig hebben, zoals allochtone en autochtone kinderen in achterstandssituaties. Vervolgens is Piramide uitgebreid en verbreed tot een methode voor alle jonge kinderen van 0 tot 7 jaar in het kinderdagverblijf, de peuterspeelzaal en de basisschool. De complete educatieve methode blijft aandacht houden voor met name allochtone en autochtone kinderen in achterstandssituaties. Daarnaast bevat de Piramide-methode ook een uitbreiding op de bestaande thema’s voor kinderen met een ontwikkelingsvoorsprong.Materiaal Piramide VVE
De opvoeder is en blijft dicht bij het kind en neemt tegelijkertijd afstand, zodat het kind zelfstandig kan worden. Deze paradox is de basis voor het Piramide-concept. Er worden vier basisbegrippen onderscheiden: psychologische nabijheid, psychologische afstand, het initiatief van het kind, het initiatief van de opvoeder (leidster/leerkracht). Er zijn diverse materialen beschikbaar, waaronder een implementatieboek, trainingsmodulen, projectboeken, een dagritme-pakket en ontwikkelingsmateriaal. Ook is er een Kwaliteitssysteem (de Piramide Implementatie Assessment) ontwikkeld.KO-totaal:
Ko-totaal is een programma voor voorschoolse en vroegschoolse educatie (VVE) voor peuters en kleuters met een taalachterstand. Ko-totaal is één van de methodes waarmee in Amsterdam wordt gewerkt. Het programma werkt met de poppen Puk en Ko en richt zich naast taal en rekenen op de sociaal-emotionele ontwikkeling en motoriek.
Onderdelen Ko-totaal VVE-programma
Ko-totaal is een educatief voor- en vroegschools (VVE) totaalprogramma voor 0 tot 6 jaar. Het wordt uitgevoerd op kinderdagverblijven en scholen. Ko-totaal richt zich op de ontwikkelingsgebieden taal, rekenen, sociaal-emotionele ontwikkeling en motoriek. Ko-totaal bestaat uit de volgende onderdelen, welke los en naast elkaar gebruikt kunnen worden:- Uk & Puk voor kinderen van 0 – 4 jaar in het kinderdagverblijf
- Puk & Ko voor kinderen van 2 – 4 jaar in de peuterspeelzaal
- Ik & Ko voor kinderen van 4 – 6 jaar in de groepen 1 en 2 van de basisschool
Ko-totaal thema’s
Ko-totaal is thematisch opgebouwd. Een thema duurt drie tot vier weken, waarin verschillende activiteiten rond het thema worden uitgewerkt. Pop Puk en Pop Ko staan centraal bij de programma’s van Ko-Totaal. De thema’s zijn niet naar toenemende moeilijkheidsgraad of ontwikkelingsniveau opgebouwd. Alleen tussen het peuterprogramma en het kleuterprogramma is een duidelijk verschil. De leidster, leider of leerkracht kan het programma aanpassen aan het niveau van het kind. Hiervoor worden duidelijke aanwijzingen gegeven. Omdat er veel in kleine groepjes wordt gewerkt, gaat Ko-totaal uit van twee volwassenen op een groep.Materiaal Ko-totaal
Alle onderdelen van Ko-totaal hebben handleidingen en thema-handleidingen. Ook wordt er gewerkt met poppen. Daarnaast zijn er materialen om thuis met de methode aan de slag te gaan.startblokken:
Geplaatst door OCO op 8 september 2014
Startblokken is een ontwikkelingsgericht VVE-programma. Lees hier meer over VVE. Startblokken is één van de VVE-programma’s waarmee in Amsterdam wordt gewerkt.
Spel als basis
Ontwikkeling van jonge kinderen vraagt om een brede aanpak. Startblokken is meer dan woordenschat en taal: spel als basis en volwassenen die meedoen op het juiste moment.Startblokken en Basisontwikkeling
Startblokken sluit aan op Basisontwikkeling, het werkplan voor de onderbouw van de basisschool. Basisontwikkeling bestaat al sinds 1990. In 2001 is Startblokken, als werkplan voor leidsters en leerkrachten van peuters en jonge kleuters verschenen. In 2007 is dit werkplan uitgebreid voor medewerkers van de kinderopvang.doe meer met Bas:
Doe meer met Bas
Doe meer met Bas is een integraal centrumgericht programma voor kinderen van 2,5-6 jaar dat in het kader van het voor- en vroegschoolse educatiebeleid wordt uitgevoerd. Het richt zich op de brede ontwikkeling van kinderen met specifieke aandacht voor taal en rekenen en is opgebouwd rondom acht thema's met spelactiviteiten voor vier tot zes weken. Daarnaast wordt gebruik gemaakt van tutoring om kinderen die extra aandacht nodig hebben te ondersteunen. Het programma bevat een oudercomponent.Doel
Het doel van Doe meer met Bas is onderwijsachterstanden bij peuters en kleuters terug te dringen of te voorkomen. Het programma richt zich op de totale ontwikkeling van kinderen en heeft specifieke doelen voor taal en voorbereidend rekenen. Achterliggend doel is het vergroten van de onderwijskansen van kinderen.
Doelgroep
De doelgroep van Doe meer met Bas bestaat uit kinderen van 2,5 tot 6 jaar uit kansarme milieus en hun ouders. Leidsters in peuterspeelzalen en kinderdagverblijven, leerkrachten in de onderbouw van het basisonderwijs en ouders vormen de intermediaire doelgroep.
Aanpak
Doe meer met Bas is een integraal programma dat in het kader van het voor- en vroegschoolse educatiebeleid wordt uitgevoerd. Het richt zich op de brede ontwikkeling van kinderen met specifieke aandacht voor taal en rekenen en is opgebouwd rondom acht thema's. Ieder thema is gebaseerd op een prent uit de Bas-prentenboeken bevat spelactiviteiten voor vier tot zes weken. Daarnaast wordt gebruik gemaakt van tutoring om kinderen die extra aandacht nodig hebben te ondersteunen. Het programma bevat een oudercomponent.
Materiaal
Er is een uitgebreide handleiding beschikbaar (inclusief cd-rom met liedjes). Verder zijn er allerlei materialen te verkrijgen die het werken met de methode ondersteunen.
De materialen zijn bedoeld voor kinderen van 2,5 tot 6 jaar. Bij de uitwerking wordt rekening gehouden met drie niveaus:
De materialen zijn bedoeld voor kinderen van 2,5 tot 6 jaar. Bij de uitwerking wordt rekening gehouden met drie niveaus:
- Peuters (2½-4 jaar)
- Jongste kleuters (4-5 jaar)
- Oudste kleuters (5-6 jaar)
Ben ik in Beeld
Ben ik in Beeld is bedoeld voor kinderen van 0 tot 4 jaar op kinderdagverblijven en peuterspeelzalen. Aan de hand van het verbeteren van de interactiestrategieën van pedagogisch medewerkers wordt gewerkt aan het stimuleren van de brede (taal) ontwikkeling met als doel hen beter voor te bereiden op hun schoolloopbaan. Daarnaast richt de interventie zich op het vergroten van de sensitieve responsiviteit van pedagogisch medewerkers door training en begeleiding.Doel
Het hoofddoel van 'Ben ik in Beeld' is het verbeteren van de taalvaardigheid van kinderen met veel aandacht voor het uitbreiden van de woordenschat, zodat een soepele doorstroom naar groep 1 van het basisonderwijs wordt bevorderd. Hieraan wordt gewerkt door middel van twee intermediaire doelen. In de eerste plaats het vergroten van de sensitieve responsiviteit van pedagogisch medewerkers. Ten tweede worden pedagogisch medewerkers toegerust met concrete handvatten om gericht te werken aan taalstimulering.Doelgroep
De doelgroep bestaat uit kinderen uit achterstandsgroepen in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar die gebruik maken van een kinderdagverblijf. Onder achterstandsgroepen worden (kinderen uit) gezinnen met een lage sociaal-economische status en/of (kinderen), waarbij Nederlands niet de eerste taal is, verstaan.De pedagogisch medewerkers van kinderdagverblijven die werken met de doelgroepkinderen vormen de intermediaire doelgroep.Aanpak
'Ben ik in Beeld' is een centrumgericht programma dat inzet op een duurzame kwaliteitsverbetering van taalstimulering op kinderdagverblijven. Op kindniveau richt 'Ben ik in Beeld' zich op het stimuleren van de taalvaardigheid van kinderen door het aanbieden van verschillende activiteiten. Op uitvoerderniveau richt 'Ben ik in Beeld' zich op het vergroten van de sensitieve responsiviteit van pedagogisch medewerkers en het vergroten van hun vaardigheid om taalontwikkeling op een gerichte manier te kunnen stimuleren. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van een tweejarige training van pedagogisch medewerkers en de leidinggevende. De training is gekoppeld aan intensieve begeleiding op de werkvloer. 'Ben ik in Beeld' besteedt speciale aandacht aan het trainen van de leidinggevende. Die krijgt instrumenten in handen om de pedagogisch medewerkers te ondersteunen om de beste taalstimulering voor de kinderen te bieden. Met deze aanpak levert 'Ben ik in beeld' ook een bijdrage aan de brede ontwikkeling van kinderenMateriaal
Er zijn diverse materialen beschikbaar, zoals een handleiding, een handboek en een werkboek voor pedagogisch medewerkers en leidinggevenden, dagritmekaarten, de bronnenbak 'Speel Mee Idee' en een map met gerichte taalactiviteiten.peuterplein en kleuterplein:
Peuterplein en Kleuterplein
Peuterplein en Kleuterplein is een integraal centrumgericht programma voor kinderen van 0 - 6 jaar dat in het kader van het voor- en vroegschoolse educatiebeleid wordt uitgevoerd. Het programma richt zich op de brede ontwikkeling van kinderen met specifieke aandacht voor taal, lezen en woordenschat. Peuterplein is opgebouwd rond 8 thema's en Kleuterplein rondom 16 thema's. Ieder thema bevat spelactiviteiten voor 3 à 4 weken.Doel
Het doel van Peuterplein en Kleuterplein is het voorkomen dat kinderen met een achterstand aan het basisonderwijs beginnen en al op jonge leeftijd een onderwijsachterstand oplopen. In het programma is vooral aandacht voor de ontwikkeling van taal-lezen en woordenschat, rekenen en sociaal-emotionele ontwikkeling.Doelgroep
De doelgroep bestaat uit achterstandskinderen van 2-4 jaar in kindercentra en van 4-6 jaar in de groepen 1 en 2 van de basisschool.Aanpak
Peuterplein en Kleuterplein zijn centrumgerichte, integrale programma's opgebouwd rond thema's. De activiteiten binnen de thema's worden aangeboden volgens de cyclus van thematisch werken uit de Taallijn VVE. Naast talige activiteiten worden echter ook activiteiten aangeboden op het gebied van rekenen en sociaal-emotionele ontwikkeling. Binnen de activiteiten is differentiatie mogelijk en er wordt veel gewerkt in kleine groepen, waarmee extra aandacht besteed kan worden aan de achterstandskinderen. Peuterplein en Kleuterplein hebben een oudercomponent, in de vorm van kopieerbare ouderbrieven, waarin specifieke ouderactiviteiten worden beschreven en ouders/verzorgers direct bij de ontwikkeling van de kinderen betrokken kunnen worden.Materiaal
Voor Peuterplein en Kleuterplein bestaat een themamap met handleidingen en kopieerbladen. De themamappen vormen het hart van de methode. Ook is er een VVE-handleiding: VVE in de praktijk. Daarnaast is er verhaalmateriaal (prentenboeken en verhalen over Raai de Kraai) per thema en zijn er ondersteunende materialen, zoals de handpop Raai de Kraai, liedjes-cd's, software, een map met materiaal voor klassenmanagement en een observatie- en registratiesysteem. Ook is er ondersteunend materiaal zoals groepsplannen, groepsoverzichten en kwaliteitskaarten te vinden op de site MijnMalmberg, die gratis beschikbaar is voor de gebruikers van de methode.Uk en Puk:
Uk en puk heb ik ook uitgewerkt in de andere blog.
Uk en Puk
Uk & Puk is een voorschools educatief programma voor kinderen van 0 tot 4 jaar. Het is speciaal ontwikkeld voor gebruik in kinderdagverblijven. Het programma richt zich op de ontwikkelingsgebieden taal, rekenen, sociaal-emotionele ontwikkeling en motoriek. Uk & Puk kan als zelfstandig programma gebruikt worden of als onderdeel van het VVE-programma KO-totaal.Doel
Het hoofddoel van Uk & Puk is het voorkomen dat kinderen met een achterstand aan de basisschool beginnen en een onderwijsachterstand oplopen. In Uk & Puk wordt gewerkt aan concrete subdoelen op het gebied van de spraak- en taalontwikkeling, de sociaal-emotionele ontwikkeling, de motorische en zintuiglijke ontwikkeling en de ontluikende rekenontwikkeling. Deze doelen zijn afgestemd op de leeftijd in maanden van het kind en kunnen specifiek gemeten worden.Doelgroep
De doelgroep bestaat uit achterstandskinderen van 0-4 jaar in kindercentra. Onder achterstandskinderen worden kinderen uit gezinnen met een lage sociaaleconomische status of kinderen waarvan Nederlands niet de eerste taal is verstaan. Uk & Puk is echter zo geschreven dat alle kinderen ervan kunnen profiteren. De intermediaire doelgroepen van Uk & Puk worden gevormd door de pedagogisch medewerkers die met de kinderen werken en door de ouders van de kinderen.Aanpak
Uk & Puk is een centrumgericht, speels totaalprogramma voor alle kindercentra met kinderen in de leeftijd van 0-4 jaar. Uk & Puk is thematisch opgebouwd. Een thema duurt vier tot zes weken. Binnen een thema zijn twaalf activiteiten uitgewerkt voor de verschillende doelgroepen. Elke activiteit is volgens een vast stramien beschreven, onder te verdelen in een organisatorisch gedeelte, de beschrijving van de eigenlijke activiteit (met daarin opgenomen de interactievaardigheden) en de doelen waaraan tijdens de activiteit gewerkt wordt. Met behulp van Uk & Puk grijpen en creëren pedagogisch medewerkers kansen om kinderen leerervaringen op te laten doen. Ouderbetrokkenheid kan worden bevorderd met 'Uk & Puk Thuis'. Door in kindercentra en thuis activiteiten te doen die in elkaars verlengde liggen, krijgen kinderen meer gelegenheid om te ontdekken, vaardigheden te oefenen, woorden te leren en hun omgeving te begrijpen.Om voldoende effect van de interventie te bewerkstelligen is het essentieel dat pedagogisch medewerkers die met Uk & Puk gaan werken de tweejarige training met daaraan gekoppeld consultaties op de werkvloer en individuele coachingsgesprekken volgen. Naast deze training voor de werkvloer is er ook een train-de-trainer waarin mensen worden opgeleid om landelijk KO-Totaal trainingen te mogen geven, waar Uk & Puk een onderdeel van is. Daarnaast is er een train-de-trainer voor pedagogen in een staffunctie van kindercentra, waarin zij kennis en trainersvaardigheden voor het implementeren van Uk & Puk in kindercentra opdoen en zich certificeren om binnen hun eigen organisatie de training aan pedagogisch medewerkers te mogen geven.
Reacties
Een reactie posten